ECLI:NL:HR:2005:AO9273
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- J.W. van den Berge
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over naheffingsaanslag omzetbelasting en verwijst zaak terug
Belanghebbende, een publiekrechtelijk lichaam, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de periode 1990-1994. De Inspecteur stelde naheffingsaanslagen inclusief boete vast, deels kwijtgescholden. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd de aanslag verminderd, maar het Hof oordeelde onder meer dat exploitatiebijdragen niet in aftrek konden worden gebracht en dat de redelijke termijn niet was overschreden.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof omdat het oordeel over de toerekening van exploitatiebijdragen aan gemeenschapsvoorzieningen onbegrijpelijk was en de uitleg van de Resolutie BTW-28 onjuist werd toegepast. Tevens wees de Hoge Raad op het toepassingsbereik van artikel 6 EVRM Pro, dat ook publiekrechtelijke lichamen beschermt tegen overschrijding van de redelijke termijn.
De zaak werd verwezen naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling met inachtneming van de arrestmotieven. Daarnaast werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest Hof en verwijst zaak terug naar Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling.