ECLI:NL:HR:2003:AI0346
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing indirecte octrooi-inbreuk op koffiepads
Sara Lee, houdster van het Europees octrooi 0 904 717 B1, vorderde in kort geding een verbod tegen Intergro c.s. om indirecte inbreuk te maken op haar octrooi door levering van O'Lacy's koffiepads. De rechtbank wees de vordering toe, maar het hof vernietigde dit vonnis en wees de vordering af. Sara Lee stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof dat de koffiepads niet als 'middelen betreffende een wezenlijk bestanddeel van de uitvinding' kunnen worden aangemerkt, zoals bedoeld in art. 73 lid 1 ROW Pro 1995. Het hof had geoordeeld dat de essentiële verbetering van het octrooi ligt in de constructie van de houder, niet in de koffiebuil zelf.
De Hoge Raad oordeelt dat de uitleg van het octrooi door het hof, mede op basis van art. 69 lid 1 Europees Pro Octrooiverdrag en het bijbehorende Protocol, feitelijk is en slechts beperkt in cassatie kan worden getoetst. De klachten van Sara Lee falen en het beroep wordt verworpen. Sara Lee wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Sara Lee wordt verworpen en het verbod op indirecte inbreuk op haar octrooi wordt afgewezen.