ECLI:NL:HR:2003:AF5405
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- F.H. Koster
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt doodslagveroordeling wegens onvoldoende bewijs voor opzet
De verdachte werd door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba veroordeeld tot twintig jaar gevangenisstraf wegens doodslag op een hoofdkassière van de Aruba Bank, voorafgegaan en vergezeld van diefstal met geweld. Het hof oordeelde dat de verdachte opzettelijk met een vuurwapen de bank binnenging, de deur van de kamer van het slachtoffer intrapte en het slachtoffer door het hoofd schoot.
In cassatie stelde de verdachte onder meer dat het opzet op het doden van het slachtoffer niet uit het bewijsmateriaal kon worden afgeleid en dat het schot per ongeluk was gelost. De Hoge Raad constateerde dat het hof geen afzonderlijke bewijsoverweging aan het (voorwaardelijk) opzet had gewijd en dat uit het bewijs niet kon worden afgeleid dat de verdachte bewust het wapen heeft afgevuurd.
Daarom oordeelde de Hoge Raad dat het bewezenverklaarde niet stand kon houden en vernietigde het arrest. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor een nieuwe beoordeling van het hoger beroep op het bestaande dossier.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest wegens onvoldoende bewijs voor opzet en verwijst de zaak terug voor hernieuwde berechting.