ECLI:NL:HR:2001:AD4918
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H.J. Mijnssen
- J.B. Fleers
- A.G. Pos
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing peildatum bij vaststelling vergoedingslimiet geneesmiddelen
SB, producent van het antibioticum Augmentin, vorderde in kort geding dat de Staat de wijziging van de Regeling Farmaceutische Hulp 1996 zou terugdraaien, omdat de vergoedingslimiet voor clusters van amoxicilline met clavulaanzuur antibiotica onjuist zou zijn vastgesteld. De Minister had namelijk ook niet-geregistreerde middelen, zoals Augmentin poeder in sachet, betrokken bij de berekening van de vergoedingslimiet, terwijl SB stelde dat alleen geregistreerde geneesmiddelen op het moment van vaststelling in aanmerking mochten worden genomen.
De rechtbank en het hof wezen de vordering af, stellende dat bepalend is of geneesmiddelen op de peildatum geregistreerd waren, niet op het moment van vaststelling van de vergoedingslimiet. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en wees op de strekking van het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) om marktgedrag na de peildatum geen invloed te laten hebben op de vergoedingslimiet. Hierdoor kan het doorhalen van een registratie na de peildatum niet leiden tot een hogere vergoedingslimiet.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van SB en veroordeelde haar in de proceskosten. De uitspraak verduidelijkt de toepassing van het Verstrekkingenbesluit Ziekenfondsverzekering en bevestigt dat de peildatum centraal staat bij de berekening van vergoedingslimieten voor clusters van onderling vervangbare geneesmiddelen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van SB wordt verworpen en de vergoedingslimiet wordt vastgesteld op basis van de peildatumregistratie.