ECLI:NL:HR:2000:AA5676
Hoge Raad
- Cassatie
- E. Korthals Altes
- G.J. Zuurmond
- D.H. Beukenhorst
- L. Monné
- C.B. Bavinck
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over belastingheffing stamrechtuitkeringen na emigratie
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1993 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd over een stamrechtvergoeding die hij ontving na beëindiging van zijn dienstbetrekking. Na bezwaar en beroep bij het Hof werd de aanslag gehandhaafd. Het Hof kwalificeerde de periodieke uitkeringen en afkoopsom als schadeloosstelling wegens in de toekomst te derven inkomsten en belastbaar in Nederland volgens artikel 6, lid 1, van het belastingverdrag met Zwitserland.
De Hoge Raad stelt vast dat het Hof onvoldoende heeft gemotiveerd of de stamrechtuitkeringen onder het pensioenaspect van artikel 6, lid 3, van het verdrag vallen, waarbij onder meer moet worden gekeken naar de berekeningsgrondslagen en de omstandigheden van de toekenning, zoals leeftijd en arbeidsongeschiktheid. De Hoge Raad oordeelt dat het Hof zijn oordeel onvoldoende heeft onderbouwd en dat het oordeel mogelijk een onjuiste rechtsopvatting bevat.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het Hof en verwijst de zaak naar het Gerechtshof te ’s-Gravenhage voor verdere behandeling en beslissing, met inachtneming van de juiste uitleg van het verdrag. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de Staatssecretaris van Financiën in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak voor hernieuwde beoordeling naar het Gerechtshof te ’s-Gravenhage.