ECLI:NL:HR:1998:AA2567
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Pos
- Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt heffing schenkingsrecht over vermogen in irrevocable discretionary trust
In deze zaak stond centraal of het onderbrengen van vermogen in een irrevocable discretionary trust leidt tot een belastbare schenking onder de Successiewet 1956. De trust was ingesteld door de settlor die afstand deed van het vermogen ten behoeve van zijn echtgenote en kinderen als beneficiaries, zonder dat deze direct aanspraak konden maken op het trustvermogen.
Het Gerechtshof had de aanslagen vernietigd omdat het geen schenking in de zin van de wet zag, mede vanwege het ontbreken van directe rechten voor de beneficiaries. De Hoge Raad bevestigde echter dat de trust als een zogenaamd doelvermogen moet worden aangemerkt en dat de elementen van een schenking aanwezig zijn doordat de settlor uit vrijgevigheid verarmd is.
De Hoge Raad stelde dat het Nederlandse belastingrecht toepassing vindt, ondanks het Verdrag inzake trusts, en dat de trustee als bestuurder verantwoordelijk is voor de betaling van het schenkingsrecht. De aanslagen aan de belanghebbenden waren daarom onterecht opgelegd. De Staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris wordt verworpen en de aanslagen aan belanghebbenden worden vernietigd; de trustee is verantwoordelijk voor de betaling van het schenkingsrecht.