ECLI:NL:HR:1997:AA2123
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Urlings
- raadsheer Zuurmond
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- Rechtspraak.nl
Nietigheid naheffingsaanslag door onbevoegde inspecteur in milieubelastingzaak
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd voor de periode van 1 april 1988 tot en met 30 juni 1992 op grond van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne (Wabm). Deze aanslag werd gehandhaafd na bezwaar door de Inspecteur, maar het Gerechtshof te 's-Gravenhage vernietigde deze aanslag omdat deze niet door het bevoegde orgaan was opgelegd.
De Staatssecretaris van Financiën stelde cassatieberoep in tegen deze uitspraak. De kern van het geschil betrof de vraag of de Inspecteur, hoofd van de Belastingdienst/Grote Ondernemingen, bevoegd was om de naheffingsaanslag op te leggen, terwijl de wet en uitvoeringsregeling bepaalden dat deze bevoegdheid bij het Hoofd van de afdeling Milieuheffingen en Schadevergoedingen van het Ministerie van Volkshuisvesting lag.
De Hoge Raad bevestigde dat de aanslag voor het tijdvak tot 30 juni 1992 door of namens het bevoegde Hoofd had moeten worden opgelegd. Omdat de aanslag door de Inspecteur was opgelegd, was deze nietig. Het cassatieberoep werd verworpen en de Staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag is nietig verklaard omdat deze niet door het bevoegde orgaan was opgelegd; het cassatieberoep van de Staatssecretaris wordt verworpen.