Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil en conclusies van partijen
4.Gronden
kiest, worden de in een kalenderjaar genoten voordelen met betrekking tot middellijk gehouden vermogensbestanddelen die tot een werkzaamheid als bedoeld in artikel 3.92b behoren, niet tot het resultaat van een werkzaamheid gerekend, mits in dat kalenderjaar tot een bedrag van ten minste 95% van die voordelen
inkomen uit aanmerkelijk belang wordt genotendat een weerspiegeling is van die voordelen.” (onderstreping hof).
5.Beslissing
- verklaart het hoger beroep van belanghebbende met nummer 24/251 gegrond;
- verklaart het hoger beroep van de inspecteur met nummer 24/252 ongegrond;
- vernietigt de uitspraak van de rechtbank, maar alleen voor zover deze betrekking heeft op de ongegrondverklaring van het beroep voor het jaar 2016;
- verklaart het tegen de uitspraken op bezwaar betreffende de navorderingsaanslag IB/PVV 2016 en de daarmee samenhangende rentebeschikking bij de rechtbank ingestelde beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar betreffende de navorderingsaanslag IB/PVV 2016 en de daarmee samenhangende rentebeschikking;
- vernietigt de navorderingsaanslag IB/PVV 2016;
- vernietigt de met de navorderingsaanslag IB/PVV 2016 samenhangende rentebeschikking;
- bepaalt dat de inspecteur aan belanghebbende het betaalde griffierecht voor de behandeling van het beroep bij de rechtbank in de zaak met nummer 22/3569 en het hoger beroep bij het hof met nummer 22/251 van, in totaal, € 188 vergoedt;
- veroordeelt de inspecteur in de kosten van het geding bij het hof van € 3.174,50.
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie
www.hogeraad.nl).