Uitspraak
het hof begrijpt: de vader van het overleden slachtoffer [slachtoffer], [benadeelde partij 2] (
het hof begrijpt: de moeder van het slachtoffer) en [benadeelde partij 3] (
het hof begrijpt: de zus [naam zus] van het slachtoffer) niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen. De benadeelde partijen zijn veroordeeld in de kosten van de verdachte, tot op het moment van het wijzen van het vonnis begroot op nihil.
nagelaten zodanige maatregelen te treffen dat op de afdeling sprake was van een voldoende bezetting van (bekwame) artsen en/of verpleegkundigen voor de behandeling en/of zorg voor dit type patiënten, terwijl haar, verdachte, bekend was, althans had moeten zijn, dat die bezetting ontoereikend was en/of dat de somatische zorg mogelijk tekort schoot en/of dat de werkdruk te hoog was
nagelaten zodanige maatregelen te treffen dat de (waarneming van de) supervisie van de net in opleiding zijnde AIOS ( [naam AIOS 1] ) (voldoende) gewaarborgd was, terwijl haar, verdachte, bekend was, althans had moeten zijn, dat er (aanzienlijke) twijfels waren omtrent het functioneren van die AIOS
nagelaten te toetsen of het medisch personeel (voldoende) bekwaam was om patiënten met clozapine te behandelen
nagelaten zodanige maatregelen te treffen en/of zich ervan te vergewissen dat die AIOS (voldoende) op de hoogte was van het bestaan en de inhoud van het binnen de instelling geldende clozapineprotocol
nagelaten zorg te dragen voor continuïteit in de behandeling en/of goede samenwerking en/of communicatie tussen het medisch en verpleegkundig personeel
is de behandeling van die [slachtoffer] te zeer overgelaten aan een net in opleiding zijnde AIOS die daartoe (nog) onvoldoende bekwaam was en is/zijn de hoofdbehandelaar en/of diens vervanger(s) te weinig bij de behandeling van die [slachtoffer] betrokken geweest
is de overdracht van die [slachtoffer] vanuit het FACT-team naar de afdeling Spoedeisende Psychiatrie onduidelijk en/of onvolledig geweest en niet schriftelijk vastgelegd
is de intake van die [slachtoffer] op de afdeling Spoedeisende Psychiatrie onvolledig en/of onzorgvuldig geweest, immers ontbrak een opnameverslag en behandelplan en is bij opname geen lichamelijk onderzoek verricht
werden somatische controles bij die [slachtoffer] niet, althans onvoldoende regelmatig en/of lege artis uitgevoerd en/of gerapporteerd, althans zijn de door de AIOS gegeven opdrachten daaromtrent door de verpleging niet (consequent) uitgevoerd en/of opgevolgd en/of gerapporteerd waardoor de lichamelijke toestand van die [slachtoffer] onvoldoende is gemonitord
(het hof begrijpt: [naam AIOS 1] )onvoldoende autoriteit kreeg bij haar expliciete waarschuwing van 17 mei. Herhaaldelijk zijn de dagelijkse metingen niet gedaan of niet gerapporteerd. Dit volgt ook uit het rapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Uit het dossier volgt dat er bij het slachtoffer slechts twee keer een lichamelijk onderzoek is verricht, eenmaal uitgevoerd door [naam AIOS 1] en eenmaal door een coassistent. De resultaten van het onderzoek door de coassistent op 14 mei 2013 werden niet genoteerd in het medisch dossier. Gelet op het voorgaande, in het licht gezien van de klachten van het slachtoffer en de geuite zorg door de familie, acht het hof dit onderdeel van de tenlastelegging bewezen, zoals opgenomen in de bewezenverklaring, en is het hof van oordeel dat hierdoor de lichamelijke toestand van het slachtoffer onvoldoende is gemonitord. Hetgeen de verdediging hieromtrent heeft aangevoerd, leidt niet tot een ander oordeel.
zijn de bloedwaarden en/of medicijnspiegels bij die [slachtoffer] niet, althans onvoldoende bepaald en/of gemonitord, waardoor niet, althans onvoldoende is beoordeeld of aanpassing van het medicatieschema geïndiceerd en/of noodzakelijk was
is onvoldoende (adequaat) gereageerd op de resultaten van het bloedonderzoek van 17 mei 2013 bij die [slachtoffer] , te weten een verhoogde clozapinespiegel en/of verhoogde eosinofielen
‘Clozapine: spiegel hoog. Patiënt klachten. Ook koorts gehad. Mogelijk verklaring voor hoge spiegel. Overweeg dosering tijde te verlagen> dinsdag nieuwe spiegel. Doorgebeld. [initialen] 170513’
is onvoldoende (serieuze) aandacht besteed aan de somatische klachten van die [slachtoffer] , al dan niet nadrukkelijk aangegeven door diens familie, die pasten bij een myocarditis (hartspierontsteking), althans bij (ernstige) bijwerkingen van het gebruik van clozapine
is nagelaten een specialist in consult te vragen ter beoordeling van de toestand en (hart)klachten van die [slachtoffer]
geldboetevan €
19.500,00 (negentienduizend vijfhonderd euro).
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
1. Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 25 mei 2013, p. 50, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 2] :
2. Het proces-verbaal sporenonderzoek d.d. 24 juli 2013, p. 435-439, voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] :
3. Het geschrift, zijnde het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut, Pathologie onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet-natuurlijke dood, sectienummer 2013-146, d.d. 7 november 2013, p. 301-315, voor zover inhoudende als verslaglegging van arts en patholoog [deskundige 1] :
onder meer pijn op de borst en mogelijk ook versneld vermoeid geraken ná dan wel tijdens inspanning.
4. Het proces-verbaal van getuigenverhoor van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Oost-Brabant, d.d. 9 november 2017 (losbladig), voor zover inhoudende als verklaring van [deskundige 1] :
5. Het geschrift, zijnde het rapport beantwoording aanvullende vragen d.d. 4 december 2020 (losbladig), voor zover inhoudende als verklaring van [deskundige 1] :
6. De verklaring van [deskundige 1] afgelegd ter terechtzitting van dit hof op 1 februari 2023, voor zover inhoudende:
7. Het geschrift, zijnde het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut, Toxicologisch onderzoek in lichaamsmateriaal van [slachtoffer] , d.d. 30 oktober 2013, p. 320-327, voor zover inhoudende als verslaglegging van apotheker-toxicoloog dr. [deskundige 4] :
1.Te onderzoeken materiaal
3.Vraagstelling
5.Resultaten
6.Interpretatie van resultaten
7.Conclusie
8. Het geschrift, zijnde het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut, Toxicologisch onderzoek in lichaamsmateriaal van [slachtoffer] , d.d. 14 maart 2014, p. 329-335, voor zover inhoudende als verslaglegging van apotheker-toxicoloog dr. [deskundige 4] :
3.Aanvullende vragen en beantwoording
9. Het geschrift, zijnde het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut, Neuropathologisch onderzoek van [slachtoffer] , d.d. 27 augustus 2013, p. 316-319, voor zover inhoudende als verslaglegging van arts en patholoog dr. [deskundige 3] :
4.Conclusie
10. Het geschrift, zijnde de rapportage intern onderzoek met betrekking tot [slachtoffer] , d.d. 9 juli 2013, p. 278-293, voor zover inhoudende als verslaglegging van de leden van de interne onderzoekscommissie aan de Raad van Bestuur:
Hebben medisch gezien (zowel ten aanzien van de psychiatrische als de somatische component) de juiste interventies plaatsgevonden?
3.Heeft het personeel in de 24 uurs zorg juist en adequaat gehandeld?
Op de dag van overlijden is er, in de informatie die voorafgaand aan het onderzoek beschikbaar was, een gap tussen het laatste contact en het moment van overlijden van circa 6 uur. Is er informatie over de tussenliggende periode?
11. Het geschrift, zijnde het onderzoeksrapport met betrekking tot [slachtoffer] (het hof begrijpt: [slachtoffer] ), geboren [geboortedatum] (op verzoek van Raad van Bestuur van [verdachte] d.d. 30 juli 2013), d.d. 8 augustus 2013, p. 177-184, voor zover inhoudende als verslaglegging van dr. [psychiater 4] , psychiater te [plaats 2] :
12. Het geschrift, zijnde het vastgestelde rapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg, Calamiteit [verdachte] , Afdeling Spoedeisende Psychiatrie, overlijden patiënte [slachtoffer] , d.d. september 2014, p. 466-510, voor zover inhoudende:
Inleiding
Conclusies
Handhaving
2.Was in het geval van [slachtoffer] sprake van een adverse event?
(het hof begrijpt uit tabel 3: hypereosinoplulia, laukocytis, neutrophilia)de afwijkingen die bij patiënte zijn opgetreden).
(het hof begrijpt: 24-5-2013): In het EPD vermeldt aios [naam AIOS 1] dat ze lichamelijk onderzoek zal doen i.v.m. ‘inf[ectie] parameters en eosinofieIen’.
kunnenwijzen (afwijkingen geel gearceerd):
14. Het proces-verbaal van getuigenverhoor van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Oost-Brabant, d.d. 19 april 2018 (losbladig), voor zover inhoudende als verklaring van [psychiater 5] :
‘the Journal of American College of Cardiology’, zijnde een review van 443 gepubliceerde manuscripten over eosinofiele myocarditis (EM) betreffende de periode 1985-medio 2016. Dit artikel dateert van 7 november 2017. Daarin is onder meer te lezen dat de auteurs uit alle 443 manuscripten wereldwijd 246 patiënten hebben kunnen identificeren waarvan er 179 bewijsbare EM hadden.
Sluiten deze conclusies aan bij het artikel van De Berardis?
15. Het geschrift, zijnde de richtlijn voor het gebruik van clozapine van de Clozapine Plus Werkgroep, versie d.d. 5-2-2013, p. 207-221 (en de daarbij behorende toelichting, p. 222-271, voor zover inhoudende:
het hof begrijpt: 24-5-2013):
het hof begrijpt: 23-5-2013) kwam een lichte verhoging van de WBC aan het licht. Hierop besloot ik FO te doen om een haard van infectie uit te sluiten. Hartslag normaal ritme 76/min. Bloeddruk 140/80 li arm. Ik heb de cliënte gevraagd om meer op de groep te zijn omdat dit voor mij als behandelaar extra informatie oplevert over de effectiviteit van de behandeling met dit nieuwe middel. Cliente wil nadrukkelijk niet op de groep zijn. Na het onderzoek was ik gerustgesteld, maar de labwaarden waren nog niet verklaard. Daarom gaf ik aan de verpleging telefonisch opdracht mw. dit WE dagelijks op temperatuur, bloeddruk en hartslag te controleren.
(het hof begrijpt: de bloedafname van het slachtoffer op)16 mei 2013 staat vermeld: ‘Clozapine: spiegel hoog. Patiënt klachten. Ook koorts gehad. Mogelijk verklaring voor hoge spiegel. Overweeg dosering tijdelijk te verlagen> Dinsdag nieuwe spiegel Doorgebeld. [initialen] 170513’.
‘Uitslag voor 17:00 uur’aan te kruisen.
(het hof begrijpt: het laboratorium uitslag formulier op dossierpagina 789)staat de volgende tekst opgenomen:
‘Clozapine: spiegel hoog. Patiënt klachten. Ook koorts gehad. Mogelijk verklaring voor hoge spiegel. Overweeg dosering tijde te verlagen> dinsdag nieuwe spiegel. Doorgebeld. [initialen] 170513’.
(het hof begrijpt: het laboratorium uitslag formulier n.a.v. de bloedafname van het slachtoffer op 16 mei 2013). Dat kan kloppen, ik gebruik altijd de initialen [initialen] . Mijn werkzaamheden bestaan uit medicatiebegeleiding voor patiënten in het [ziekenhuis] en de advisering over geneesmiddelenspiegels voor een aantal instellingen, waaronder het [verdachte] .
het hof begrijpt: het slachtoffer).
het hof begrijpt: 20 mei 2013) nog. Ook zei [slachtoffer] dat ze ruis op haar hart had. Afgelopen dinsdag (
het hof begrijpt: 21 mei 2013) hebben mijn ouders en ik nog een gesprek gehad met dr. [naam AIOS 1] , verpleegster [naam] en de casemanager [getuige 16] ofzo, onder andere over haar lichamelijke gezondheid. Tijdens dit gesprek kregen we excuses aangeboden voor de gang van zaken en werd beterschap beloofd. Er werd letterlijk gezegd dat ze steken hadden laten vallen.
(het hof begrijpt: 23 mei 2013) heb ik [slachtoffer] omstreeks 16.00 uur opgehaald. Ze zei nog een keer dat ze ruis op haar hart had. Omstreeks 17.15 uur leek [slachtoffer] ineens heel moe en zuchtte een paar keer. Ze vroeg of we konden gaan. Ik heb haar toen weer terug gebracht. Het zat me niet lekker dat [slachtoffer] zo moe was en snel buiten adem, eigenlijk haar hele lichamelijke situatie. Dat ze lichamelijk zo slecht voelde en ziek was, was echt iets van de laatste weken.
het hof begrijpt: 24 mei 2013)ben ik naar haar toegegaan samen met [naam zus 2] om [slachtoffer] mee te nemen om te zwemmen. Toen wij bij [slachtoffer] op de kamer kwamen was ze net klaar met eten en plofte ze op bed neer. Ik merkte aan [slachtoffer] dat het allemaal te veel was en ze zei ook tegen mij dat ik maar even weg moest gaan. Ik heb samen met [naam zus 2] op de gang staan wachten tot [slachtoffer] weer naar buiten kwam. [slachtoffer] is toen samen met mij en [naam zus 2] gaan zwemmen bij [zwembad] . Voor het zwemmen merkte ik al aan [slachtoffer] dat ze moe was en dat alles haar veel energie koste. We hebben ongeveer een half uur à drie kwartier in het water wat gezwommen en ontspannen. Hierna is [slachtoffer] zich gaan douchen en omkleden. Voor het omkleden zag ik al dat [slachtoffer] op een verwarmingselement was gaan zitten. Ik zag dat het niet goed ging met [slachtoffer] en dat ze kortademig was. [slachtoffer] gaf ook aan dat ik maar even weg moest gaan. Gedurende de vrijdagavond heeft ze dit een keer of drie à vier gehad. Na het zwemmen heb ik [slachtoffer] nog mee naar huis genomen in [plaats 3]
(het hof begrijpt: [getuige 5]), gezegd dat het niet goed ging met [slachtoffer] en dat ze een paar keer wit weggetrokken was en dat ze tegen mij verteld had dat ze een hartaanval had. Uiteindelijk ben ik naar huis gegaan, maar omdat ik er geen goed gevoel bij had, heb ik onderweg naar huis nog een keer gebeld naar de [verdachte] om aan te geven dat ik me echt zorgen maakte en dat het niet goed ging met [slachtoffer] . Ik heb diezelfde man aan de lijn gehad die ik net daarvoor had gesproken. Hij vertelde mij dat hij het zou noteren en dat ze [slachtoffer] in de gaten zouden houden en dat het goed was dat ik daarvoor gebeld had. Zaterdagmorgen (
het hof begrijpt: 25 mei 2013) heb ik nog gebeld om te vragen hoe het ging met [slachtoffer] . Ik hoorde dat men mij vertelde dat er ‘s ochtends iemand bij [slachtoffer] was geweest om haar bloeddruk en hartslag te meten.
(het hof begrijpt: “Dat kan dat het dan niet wordt gehaald”). Bijvoorbeeld de drukste mensen krijgen alle aandacht.
het hof begrijpt: omstreeks april 2013) met de werkdruk?
het hof: [slachtoffer] ). Ik meen van 14.30 tot 23.00 uur, ik had in ieder geval avonddienst. Raadsvrouw zegt dat ik de vader van [slachtoffer] heb gesproken. Ik weet het moment nog. Raadsvrouw toont mij een document op pagina 99 (
het hof begrijpt: de aantekening uit het elektronisch patiëntendossier d.d. 24 mei 2013, 21.39 uur). Raadsvrouw zegt dat ze in de laatste kolom in het zevende vakje van boven mijn naam ziet staan. Dat klopt. De notitie daarachter heb ik ingevoerd. Raadsvrouw vraagt of ik mij de laatste alinea van die notitie kan herinneren. Ja, ik weet van het bellen.
het hof: een aantekening in het elektronisch patiënten dossier d.d. 16-5-2013, 14.06 uur). Raadsvrouw vraagt mij wat de reden was voor de verhuizing
(het hof begrijpt uit de aantekening op dossierpagina 106: de verhuizing van kamer van [slachtoffer] in de high care unit). De kamer van [slachtoffer] was een puinhoop. Er lag braaksel en ze heeft dingen laten lopen.
het hof begrijpt: 21 mei 2013) geweest moeten zijn, in verband met het Pinksterweekend.
A: De artsen.
(het hof begrijpt: op 24 mei zag ik pas in de avond de verhoging van 23 mei). Toen was de uitslag er pas. Ik zat toen behoorlijk in de rats met de casus. Ik heb wederom met [psychiater 3] gebeld over de hoogte van de eosinofielen. [psychiater 3] gaf aan dat ik lichamelijk onderzoek moest doen. Ik heb met [slachtoffer] in de gang gelopen. Ik vond haar kortademig. Ik heb daarop lichamelijk onderzoek gedaan. Vanwege die kortademigheid vond ik dat ze in beeld moest blijven. Ook omdat ik geen clozapinespiegel had.
(het hof begrijpt: 17 mei 2013)belt het lab naar u en geeft aan dat er hoge uitslagen zijn van het bloed. U beslist hierop om voor dinsdag een bloedprik aan te vragen met eventueel cito. Op de 21ste mei geeft u aan dat [slachtoffer] het goed doet op lage dosering clozapine, echter wel hoge spiegels. U was dus op de hoogte van de hoge spiegels. Wat is er naar aanleiding van deze informatie besloten?
het hof begrijpt: [naam AIOS 1]) in dienst kwam toen zou ik eigenlijk twee arts-assistenten in opleiding krijgen, waaronder dus [naam AIOS 1] , maar één arts-assistent werd weggeroepen door de opleider. In december 2012 heb ik aangegeven dat ik het niet werkzaam vond hoe het op dat moment ging. Ik voelde mij gebruikt door de ambulante psychiaters doordat ze cliënten dropten bij mij op de afdeling en er verder niet naar omkeken. Ik heb de werkdruk aangegeven en bepaalde ontbrekende faciliteiten zoals de beschikbaarheid van de somatische ondersteuning. Ik heb dit allemaal gezegd in een functioneringsgesprek. Dit heb ik toen gevoerd met [psychiater 2] en [naam voorganger] (de voorganger van [centrummanager] ). Na dit functioneringsgesprek heb ik met [geneesheer-directeur 1] , [vertegenwoordiger van de verdachte] en nog een directielid waarvan ik de naam niet meer weet gesproken daarover. [naam voorganger] was daarbij. Het was ergens in januari/februari 2013 geweest.
het hof: bij plaatsing op de afdeling voor instelling op clozapine)zijn?
A: Mijn taak zou zijn om [slachtoffer] een keer te spreken. Ik heb haar een keer gezien.
A: Dat is dus heel verschillend. Op de vaste doordeweekse werkdagen de bekende drie. In eerste instantie [psychiater 2] en bij zijn afwezigheid [psychiater 8] of
(het hof begrijpt: de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden)
(het hof begrijpt: waren). Wat is daarop uw reactie?
(het hof begrijpt: naar aanleiding van het intern onderzoek en het onderzoek van de Inspectie voor de Gezondheidszorg)waren:
(het hof begrijpt: de medewerkers van de verdachte)die wij hebben gesproken
(het hof begrijpt: in het kader van het intern onderzoek dat ten grondslag ligt aan de rapportage ‘intern onderzoek met betrekking tot [slachtoffer] ’ d.d. 9 juli 2013)waren in loondienst. Er was geen sprake van ZZP’ers. Alle personen die destijds bij de zorg van het slachtoffer
(het hof begrijpt: de zorg voor [slachtoffer] binnen [verdachte] in de tenlastegelegde periode)waren betrokken, waren in loondienst.