Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde sub 1] ,
2.[X B.V.] ,
3.[geïntimeerde sub 3] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/375923/ HA ZA 20-487)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord van [geïntimeerden] ;
- de memorie van antwoord van [geïntimeerde sub 1] met producties;
- de mondelinge behandeling van 28 augustus 2023, waarbij partijen [appellante] en [geïntimeerden] spreekaantekeningen hebben overgelegd.
3.De beoordeling
“Artikel 8
“Artikel 241. Bij de ontbinding der vennootschap geschiedt de vereffening door de directie, tenzij de algemene vergadering van aandeelhouders anders bepaalt.
“De wet verplicht de kamer van koophandel inactieve rechtspersonen te ontbinden. Naar onze mening is bovengenoemde in het handelsregister ingeschreven rechtspersoon niet meer actief.
De rechtspersoon tenminste één jaar in gebreke is met de nakoming van de verplichting tot
Meer dan één jaar na de gestelde betalingsdatum het verschuldigde bedrag voor inschrijving in het handelsregister niet is voldaan;
De rechtspersoon tenminste één jaar geen gevolg geeft aan een aanmaning tot het doen van aangifte voor vennootschapsbelasting.
“In aansluiting op ons telefoongesprek van gisteren en mijn mails eveneens van gisteren, bericht ik u als volgt.(…)Artikel 9 lid 1 van Pro de statuten bepaalt dat:“…bij ontbinding van een aandeelhouder-rechtspersoon…, moeten zijn aandelen worden aangeboden…”.
“Ok, laat me weten hoe de procedure van aanbieding is en of de huidige situatie van ontbinding van rechtswege evt gevolgen heeft.”
“(…)HN eindigt zijn uiteenzetting met de vraag aan KJVL of deze, in beginsel, geïnteresseerd is om de aandelen die HN heeft in [X verkoopcentrum B.V.] (…) te kopen, als deze aandelen zouden worden aangeboden. Hij begrijpt dat KJVL nu, aangezien er nog geen prijs bekend is, nog niet definitief ja kan zeggen. De vraag is of KJVL, wat de prijs ook wordt, in ieder geval niet zal ingaan op een aanbod van de aandelen [X verkoopcentrum B.V.] . In dat geval zal HN de aandelen aan derden kunnen aanbieden, en dit ook doen. Gezien de voor de ontwikkeling van de schuldpositie van HN gewenste snelheid van handelen, is het voor HN dus zaak snel duidelijkheid over de intenties van KJVL te krijgen.
“Vraag is alleen of de prijsvaststelling volledig aan de te benoemen deskundige wordt overgelaten, of dat de deskundige de aanwijzing meekrijgt dat hij de waarderingsmethode uit het mosselcompromis moet gebruiken.Zeker als de waardering volgens het mosselcompromis gepaard kan gaan met de garantie van een minimumprijs, welke naar verwachting tenminste voldoende is om de schuldeisers te betalen, neig ikzelf naar het hanteren van het mosselcompromis. Jij zou mij nog uiterlijk maandag jouw ideeën hierover laten weten.”
“(…) Als je wilt dat wij bij de besluitvorming rekening houden met jouw wensen, dan zal je op z’n minst duidelijk moeten aangeven wat die wensen zijn.Zoals je weet moet er binnen enkele dagen – per aangetekende post – aangeboden zijn. Wij verzoeken u dan ook om uiterlijk morgen antwoord te geven. Als je je niet uitspreekt over zo’n duidelijke vraag als deze, moeten wij er wel van uitgaan dat je geen enkele voorkeur voor een waarderingsmethode hebt.
Bij prijsbepaling waarbij deskundige geheel vrij is, kan prijs extreem hoog of extreem laag komen te liggen. Als er enkel uitgegaan wordt van de TPW’s dan kan de waarde [X verkoopcentrum B.V.] wel meer dan € 10 mio. zijn (…), maar wordt de huidige onzekere toestand én het ontbreken van voorraden voor volgend jaar zwaar gewogen, dan kan de waarde [X verkoopcentrum B.V.] ook op nihil uitkomen.”.
“De TPW’s, huurrechten, mosselzaadquotum en MZI rechten vertegenwoordigen een (aanzienlijke) waarde”. Ter onderbouwing verwijst [appellante] verder naar een document met een opsomming van punten over het rapport (productie 8 bij memorie van grieven), waarvan [appellante] stelt dat het document van [persoon C] , registervaluator bij Wingman, afkomstig is.
“good standing”moet worden gebracht (3.1.28). Ter zitting heeft [geïntimeerde sub 1] bevestigd dat dit gelegen was in het nog moeten volstorten van de aandelen [N Holding] ad $ 6.001,-, hetgeen door [appellante] niet afdoende is betwist. [appellante] heeft enkel toegelicht dat met het in
“good standing”maken wordt bedoeld de registratie van [N Holding] bij het handelsregister in Curaçao weer in orde maken door het betalen van kleine bedragen. [geïntimeerde sub 1] zag zich vervolgens geconfronteerd met zeer beperkte informatie en middelen om de schulden in [appellante] te saneren en de baten te gelde maken.