Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1] ,
[geïntimeerde 2] ,
1.De zaak in het kort
3.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het tegen [geïntimeerde 2] verleende verstek;
- de memorie van grieven tevens houdende subsidiaire aanvulling van eis;
- de memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in incidenteel hoger beroep;
- de memorie van antwoord in incidenteel hoger beroep;
- het H16-formulier van de advocaat van [geïntimeerde 1] met de producties 10 en 11 in eerste aanleg en productie 12 (akte overlegging betekeningsexploot);
- de mondelinge behandeling op 16 juni 2023, waarbij [persoon A] namens IDR (waarover haar advocaat desgevraagd heeft verklaard dat zij hiertoe een mondelinge volmacht had), [appellante] en [geïntimeerde 1] zijn verschenen, bijgestaan door hun advocaat.
4.De beoordeling
i)de wijze van verdeling van de woning te gelasten en
ii)te bepalen dat [appellante] en [geïntimeerde 1] ieder voor de helft gerechtigd zijn tot respectievelijk draagplichtig zijn voor de overwaarde respectievelijk onderwaarde van de woning.
hofstelt het volgende voorop.