Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1] ,kantoorhoudende te [woonplaats] ,
[geïntimeerde 2] ,kantoorhoudende te [woonplaats] ,
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/274712 / HA ZA 20-111)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties;
- de memorie van antwoord;
- de mondelinge behandeling, waarbij beide partijen spreekaantekeningen hebben overgelegd.
3.De beoordeling
Op 22 januari jl. heeft u mij de jaarrekeningen gestuurd van de vennootschappen [bedrijf 1] , Beleggingsmaatschappij [bedrijf 2] en [bedrijf 3]
zodra alle gegevens beschikbaar zijn”. Kennelijk stond volgens [appellant] dit laatste dus niet in de weg aan zijn toezegging op 29 mei 2013 om de door de curator in dit verband gevraagde informatie te verschaffen. Hierbij acht het hof van belang dat [appellant] , als gezegd, tijdens het verhoor werd bijgestaan door [advocaat 2] .
De heer [appellant] heeft in het eerste gesprek al aangegeven dat bij de ontruiming een klein deel van zijn archief zoek is geraakt en mogelijk per ongeluk mee is vernietigd.”
Parl. Gesch. Herz. Rv, p. 157). Het feit dat de rechtbank geen gebruik heeft gemaakt van de bevoegdheid van artikel 22 Rv Pro, kan reeds hierom niet leiden tot vernietiging van het vonnis.