Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/02/376319 / HA ZA 20-515)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep met grieven en 3 producties;
- de memorie van antwoord d.d. 15 februari 2022;
- de akte van [de B.V.] d.d. 3 mei 2022 met 1 productie;
- de antwoordakte van [geïntimeerde] d.d. 31 mei 2022.
3.De beoordeling
- de late ingangsdatum van de subsidie en de terugtrekkende beweging van de financier niet bekend waren ten tijde van het sluiten van de overeenkomst;
- [de B.V.] een serieuze koper was die de financiering rond had en zij erop mocht vertrouwen dat zij haar verplichtingen kon nakomen;
- er een wanverhouding bestaat tussen de boete en de door [geïntimeerde] geleden schade;
- althans het een eigen keuze is van [geïntimeerde] om het glastuinbouwbedrijf voor
- de Corona-crisis meebrengt dat [de B.V.] de boete niet mag verbeuren.