Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
Primair:
- de vrouw, bijgestaan door mr. Jurgers en mevrouw T.M. Fernandez-Toirkens, tolk;
- de man, bijgestaan door mr. Kramer.
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling in eerste aanleg op 31 oktober 2016;
- de brief met bijlagen van de advocaat van de man d.d. 21 juni 2018;
- de brief met bijlagen van de advocaat van de vrouw d.d. 22 juni 2018;
- het V6-formulier met bijlage van de advocaat van de man, ingekomen ter griffie op 25 juni 2018;
- de ter zitting door de advocaat van de man overgelegde pleitnotitie.
3.De beoordeling
- de door de man aan de vrouw, voor wat betreft toekomstige termijnen telkens bij vooruitbetaling, te betalen bijdrage in de kosten van haar levensonderhoud bepaald op € 575,-- per maand, zulks met ingang van de dag waarop de echtscheidingsbeschikking is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand en tot 1 september 2017;
- de door de man te betalen bijdrage in de kosten van levensonderhoud van de vrouw met ingang van 1 september 2017 op nihil gesteld;
- voor zover de echtscheidingsbeschikking is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap gelast op de wijze zoals in rov. 2.17 is vermeld.