Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 4205932 CV EXPL 15-4332)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- het tegen HCO BV verleende verstek;
- de memorie van grieven.
3.De beoordeling
ondubbelzinnigmoet zijn geschied. Deze maatstaf komt overeen met die bij gedekt verweer en berusting (zie in dezelfde zin onder meer de conclusie van Advocaat-Generaal Mr. E.B. Rank-Berenschot van 13 februari 2015, ECLI:NL:PHR:2015:76). Uit het enkele door de kantonrechter veronderstelde feit dat [appellant] niet tijdig had gereageerd op het door HCO BV ingediende antwoord, kan naar het oordeel van het hof in de gegeven omstandigheden niet worden afgeleid dat [appellant] zijn stellingen heeft prijsgegeven. Dit brengt mee dat de overweging op grond waarvan de kantonrechter de vordering van [appellant] heeft afgewezen, geen stand kan houden.