Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknummer c/01/276222/kg za 14-182)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven;
- de memorie van antwoord.
3.De beoordeling
€ 13.000,- aan [appellant] toegekend ten laste van [clothing] Clothing.
binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis aan al haar klanten en personeelsleden een brief te versturen met als uitsluitende strekking dat de kantonrechter te Amsterdam in dit vonnis heeft bepaald dat [clothing] Clothing [appellant] ten onrechte heeft beschuldigd van diefstal en/of verduistering en op voor [appellant] controleerbare wijze aan hem bewijs te leveren van deze verzending, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 250,00 voor iedere dag of deel daarvan dat [clothing] Clothing in gebreke mocht blijven aan deze veroordeling te voldoen, met bepaling dat boven € 25.000,00 geen dwangsommen meer worden verbeurd.”(productie 1 bij inleidende dagvaarding)
“binnen zeven dagen na betekening van dit vonnis aan al haar klanten die zij in dit verband nog niet eerder op een controleerbare wijze heeft bericht een brief dan wel een e-mailbericht te versturen met als uitsluitende strekking dat de kantonrechter in Amsterdam in dit vonnis heeft bepaald dat [clothing] Clothing ten onrechte heeft beschuldigd van diefstal en/of verduistering en op voor [appellant] controleerbare wijze aan hem bewijs te leveren van deze verzending, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag of deel daarvan dat [clothing] Clothing in gebreke mocht blijven aan deze veroordeling te voldoen, met bepaling dat boven de € 50.000,00 geen dwangsommen meer worden verbeurd.”(productie 9 bij inleidende dagvaarding).
– voor zover thans van belang – gevraagd zich nader uit te spreken over wat onder
“al haar klanten”moet worden verstaan (productie 12 bij inleidende dagvaarding).
“de veroordeling van [clothing] Clothing tot – kort gezegd – berichtgeving aan al haar klanten in overeenstemming is met hetgeen daaromtrent in de rechtsoverwegingen is overwogen”(productie 13 bij inleidende dagvaarding).
2. [appellant] te veroordelen tot opheffing van alle door hem ten laste van [clothing] Clothing gelegde beslagen en;
primair[clothing] Clothing te veroordelen aan al haar klanten en personeelsleden per brief mee te delen dat de kantonrechter te Amsterdam heeft bepaald dat [clothing] Clothing [appellant] ten onrechte heeft beschuldigd van diefstal en/of verduistering en op voor [appellant] controleerbare wijze aan [appellant] bewijs te leveren van verzending van de betreffende brieven op straffe van een dwangsom
€ 50.000,- aan verbeurde dwangsommen verschuldigd zou zijn geworden – onveranderd ten nadele van [appellant] beslist blijft. De bestreden vonnissen zullen derhalve voor het overige worden bekrachtigd.
4.De uitspraak
.