ECLI:NL:GHSHE:2011:BV7605
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.J.M. Bongaarts
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaer
- P.C. van der Vegt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen WOZ-waarde en OZB-aanslag van woonhuis bevestigd
Belanghebbende betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woonhuis en de daarbij behorende OZB-aanslag over het jaar 2007. De Heffingsambtenaar had de WOZ-waarde vastgesteld op €462.000 en de aanslag op €312. Belanghebbende maakte bezwaar, dat aanvankelijk niet-ontvankelijk werd verklaard wegens gebrek aan motivatie, maar deze uitspraak werd later ingetrokken. Na een uitgebreide procedure bij de Rechtbank werd het beroep ongegrond verklaard.
In hoger beroep voerde belanghebbende onder meer aan dat de gebruikte waarderingsmethode onjuist was, dat er betere vergelijkingsobjecten waren, dat de WOZ-waarde onredelijk was gestegen en dat sprake was van vriendjespolitiek en partijdigheid van de Rechtbank. Het Hof oordeelde dat de Heffingsambtenaar terecht de vergelijkingsmethode hanteerde en dat de gebruikte referentieobjecten geschikt waren. De vermeende ongelijkheid in waardestijgingen werd verklaard door de correcte toepassing van de methode en niet door begunstiging.
Het Hof stelde vast dat de WOZ-beschikking en de OZB-aanslag in twee afzonderlijke verzamelbeschikkingen waren bekendgemaakt, wat weliswaar in strijd was met de wettelijke voorschriften, maar geen nietigheid tot gevolg had. Het bezwaar was daardoor formeel te laat ingediend, maar het Hof achtte belanghebbende niet in verzuim. Ook de ontvankelijkheid van het beroep bij de Rechtbank werd bevestigd.
De klachten over partijdigheid en schending van het recht op een eerlijk proces werden verworpen. Het Hof verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de Rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het griffierecht werd niet teruggegeven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €462.000 en OZB-aanslag van €312 worden bevestigd.