ECLI:NL:GHSHE:2011:BR2155
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- W.E.M. van Nispen tot Sevenaer
- P.J.M. Bongaarts
- J.A. Meijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2002 na kapitaalsuitkeringen
Belanghebbende ontving in 2002 kapitaalsuitkeringen uit twee kapitaalverzekeringen met lijfrenteclausule, die abusievelijk in 2003 werden aangegeven en belast. Na bezwaar tegen de aanslag 2003 bood de inspecteur aan navordering over 2002 achterwege te laten indien belanghebbende het beroep tegen 2003 introk. Belanghebbende zette de procedure voort, waarna de inspecteur een navorderingsaanslag 2002 oplegde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hof bevestigt dit oordeel. Het hof oordeelt dat de navordering tijdig is opgelegd, omdat kennis van de uitstelregeling aan de adviseur van belanghebbende toerekenbaar is. Tevens is sprake van een nieuw feit, namelijk de informatie van de verzekeringsmaatschappij die de inspecteur niet eerder bezat. Er is geen sprake van ambtelijk verzuim of schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
Belanghebbende stelde dat het hof voorafgaand aan de uitspraak overleg had met de inspecteur, wat het hof ontkent. Ook het beroep op gewekt vertrouwen faalt, omdat de inspecteur nooit een standpunt innam dat de uitkeringen niet in 2002 belast zouden worden. Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de navorderingsaanslag over 2002.