ECLI:NL:GHSHE:2006:AW1978
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Koens
- Pouw
- Van der Velden
- Rechtspraak.nl
Toelating schuldsaneringsregeling voor echtgenote na faillissement vennootschap
In deze civiele zaak hebben [X.] en [Y.] hoger beroep ingesteld tegen de afwijzing van hun verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling door de rechtbank. [X.] was vennoot van een vennootschap onder firma (V.O.F.) die failliet werd verklaard, waardoor ook hij failliet werd verklaard en niet ontvankelijk werd verklaard in zijn beroep. De rechtbank had het verzoek van [X.] afgewezen vanwege gegronde vrees dat hij zijn verplichtingen niet zou nakomen en niet te goeder trouw was.
De rechtbank wees ook het verzoek van [Y.], echtgenote van [X.], af omdat zij gehuwd was in gemeenschap van goederen met [X.] en de regeling zich uitstrekt over de huwelijksgoederengemeenschap. Het hof oordeelde echter dat [Y.] een zelfstandig belang had bij toelating tot de regeling, omdat zij na toelating een schone lei zou krijgen en niet langer mede-aansprakelijk zou zijn voor de gemeenschapsschulden.
Het hof bevestigde dat het faillissement van de V.O.F. het faillissement van [X.] meebrengt en verklaarde hem niet ontvankelijk. Ten aanzien van [Y.] vernietigde het hof het vonnis en sprak alsnog de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit. De beslissing werd genomen na behandeling van stukken, verslagen van de bewindvoerder en een mondelinge zitting.
De zaak illustreert het belang van individuele beoordeling van schuldsaneringsverzoeken binnen een huwelijksgemeenschap en bevestigt dat het faillissement van een vennootschap hoofdelijk aansprakelijkheid en faillissement van vennoten tot gevolg heeft.
Uitkomst: Echtgenoot niet ontvankelijk verklaard wegens faillissement, echtgenote wel toegelaten tot schuldsaneringsregeling.