ECLI:NL:GHSHE:2004:AP5297
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J. Koopman
- A.J. van Soest
- N. van Beelen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslagen CDK-biljetten wegens onbekend nieuw feit
Belanghebbende betwistte de navorderingsaanslagen voor de jaren 1989 tot en met 1991 op grond van het ontbreken van een nieuw feit als bedoeld in artikel 16, lid 1, AWR. De Inspecteur handhaafde de aanslagen en stelde dat het nieuwe feit pas bij de tweede renseigneringsronde in 1994 aan het licht kwam.
De zaak betrof de bloot eigendom van CDK-biljetten die belanghebbende via een BV had verworven. Hoewel belanghebbende dit bezit in bijlagen bij zijn aangiften had vermeld, was niet gespecificeerd dat het om besmette biljetten ging. De eerste renseigneringsronde in 1987 had deze biljetten niet in kaart gebracht, terwijl de tweede ronde in 1994 wel.
Het Hof oordeelde dat de Inspecteur ten tijde van de primitieve aanslagen niet bekend was, noch had kunnen zijn, met het feit dat aanleiding gaf tot navordering. De vermelding van bloot eigendom in de aangiften was onvoldoende om te vermoeden dat het om besmette biljetten ging. Daarom bleef de navordering terecht gehandhaafd.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de bestreden uitspraken werden bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslagen worden bevestigd.