ECLI:NL:GHSHE:2003:AI0487
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.M. Bongaarts
- J. Swinkels
- C. van Raad
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing bij vervreemding aandelen na emigratie en bedrijfsopvolging
Belanghebbende, geboren in 1944 en van Nederlandse nationaliteit, verhuisde in december 1991 naar België. In 1996 verkocht hij zijn preferente aandelen A in A BV aan B BV, waarbij een samenstel van rechtshandelingen werd verricht met als doel belastingbesparing. Het geschil betrof het moment waarop belanghebbende ophield inwoner van Nederland te zijn en het tijdstip van vervreemding van de aandelen.
Het hof stelde vast dat de wilsovereenstemming tot verkoop tussen belanghebbende en B BV zich uiterlijk op 3 december 1996 had geopenbaard en dat latere statutenwijzigingen van de Stichting geen zelfstandige betekenis hadden. Het hof oordeelde dat het samenstel van rechtshandelingen primair gericht was op het voorkomen van Nederlandse inkomstenbelasting en niet op bedrijfsopvolging.
Gelet op het feit dat belanghebbende niet eerder dan 13 december 1991 Nederland verliet, en de verkoop binnen vijf jaar daarna plaatsvond, kwam het heffingsrecht over de vervreemdingswinst toe aan Nederland. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag bleef in stand.
Uitkomst: Het hof handhaaft de aanslag inkomstenbelasting 1996 omdat de aandelen vervreemd zijn binnen vijf jaar na emigratie.