ECLI:NL:GHSHE:2002:AF0605
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslag loonbelasting en verrekening rekening-courant
Het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch behandelde het beroep van een belanghebbende tegen een navorderingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen over 1993 opgelegd door de Inspecteur. Het hof oordeelde dat het beroep ontvankelijk is, ondanks aanvankelijke bezwaren over het ontbreken van gronden in het beroepschrift.
De kern van het geschil betrof de vraag of de Inspecteur bevoegd was de navorderingsaanslag op te leggen zonder dat sprake was van een nieuw feit, en of het loon van de belanghebbende was genoten toen het in rekening-courant met zijn vennootschap werd verrekend. Het hof stelde vast dat navordering mogelijk is bij onjuiste verrekening van voorheffing en dat het loon als genoten geldt bij verrekening volgens artikel 33 Wet Pro IB 1964.
Verder oordeelde het hof dat de belanghebbende, als directeur-grootaandeelhouder van de inhoudingsplichtige B B.V., op de hoogte was van het niet afdragen van loonbelasting en premie volksverzekeringen en niet te goeder trouw was. De financiële problemen van de vennootschap waren dermate ernstig dat redelijkerwijs geen tijdelijke oplossing kon worden verwacht.
Ten slotte corrigeerde het hof een fout in de berekening van het belastbaar inkomen door de Inspecteur, waarbij het inkomen eerder te laag dan te hoog was vastgesteld. Het hof verwierp het beroep en bevestigde de navorderingsaanslag. Er werden geen proceskosten aan de belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de navorderingsaanslag loonbelasting 1993 en wijst het beroep van de belanghebbende af.