ECLI:NL:GHSHE:2002:AE7287
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering uitnodiging tot betaling omzetbelasting en accijns wegens ontbreken belastbaar feit invoer
Belanghebbende, een douane-expediteur, voerde beroep tegen een uitnodiging tot betaling van omzetbelasting en accijns op 17.004 flessen wodka die volgens de aangifte naar Finland zouden worden vervoerd onder de regeling extern communautair douanevervoer. De Inspecteur baseerde de heffing aanvankelijk op artikel 204 van Pro het Communautaire Douanewetboek (CDW), maar wijzigde dit later naar artikel 203 CDW Pro.
Het hof stelde vast dat de stempels op het T-1 document vals waren en dat de wodka niet bij de Finse douane was aangebracht. Er was geen bewijs dat de wodka daadwerkelijk bij de geadresseerde in Finland was aangekomen. Belanghebbende ontkende dat er sprake was van onttrekking aan de douaneregeling in Nederland. Het hof oordeelde dat de Inspecteur onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de wodka in Nederland was onttrokken, hetgeen noodzakelijk is voor het belastbare feit invoer volgens de Wet op de accijns.
De wijziging van de juridische grondslag door de Inspecteur in een laat stadium werd niet als schending van de procesorde gezien, aangezien belanghebbende voldoende gelegenheid had gehad om te reageren. Het hof vernietigde de bestreden uitspraak en verminderde de uitnodiging tot betaling met de omzetbelasting en accijns. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De uitnodiging tot betaling wordt verminderd met omzetbelasting en accijns wegens het ontbreken van het belastbare feit invoer in Nederland.