ECLI:NL:GHSHE:2001:AD5035
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.M. Bongaarts
- R.J. Koopman
- H.M.N. Schonis
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ledenbewijzen als effecten en bedrijfsmiddelen voor investeringsaftrek
Belanghebbende, lid van de coöperatie Zuivelcooperatie Q, verwierf in 1998 ledenbewijzen die volgens hem recht gaven op investeringsaftrek. De vraag was of deze ledenbewijzen als bedrijfsmiddelen of als effecten moesten worden aangemerkt in de zin van de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Het hof stelde vast dat de ledenbewijzen onlosmakelijk verbonden zijn met het recht om melk te leveren aan de coöperatie en dat zij een investering in bedrijfsmiddelen vormen. Tegelijkertijd kwalificeerden de ledenbewijzen als effecten, omdat zij verhandelbaar zijn, op naam luiden en een register wordt bijgehouden, vergelijkbaar met aandelen.
De rechtbank concludeerde dat investeringen in ledenbewijzen als investeringen in effecten moeten worden aangemerkt, waardoor zij zijn uitgesloten van investeringsaftrek. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.
De uitspraak benadrukt het belang van de juridische kwalificatie van ledenbewijzen binnen coöperaties en de fiscale gevolgen daarvan voor investeringsaftrek.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat ledenbewijzen effecten zijn, waardoor investeringsaftrek niet van toepassing is.