ECLI:NL:GHSGR:2011:BR6284
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens verboden onderverhuur van woonruimte
De huurder [appellant] huurt sinds 1991 een woning van Haag Wonen en heeft het huurreglement aanvaard waarin onderverhuur verboden is. Tijdens een huisbezoek op 23 februari 2009 werd vastgesteld dat de woning in strijd met dit reglement aan derden werd onderverhuurd, waarbij meerdere personen afzonderlijke kamers bewoonden en betaalden voor hun verblijf.
Haag Wonen vorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning wegens deze overtreding. De kantonrechter stelde vast dat de huurder het huurreglement had overtreden en wees de vorderingen van Haag Wonen toe, terwijl de tegenvordering van de huurder wegens onrechtmatige binnenkomst werd afgewezen.
In hoger beroep voerde de huurder aan dat de bewijsdatum onjuist was en dat de ontbinding onterecht was. Het hof oordeelde dat sprake was van een kennelijke misslag in de datum en dat het bewijs voldoende was geleverd. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde de huurder in de kosten van het hoger beroep, die uitvoerbaar bij voorraad werden verklaard.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontbinding van de huurovereenkomst wegens verboden onderverhuur en veroordeelt de huurder in de proceskosten.