ECLI:NL:GHLEE:2012:BX3714
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- R.A. van der Pol
- L. Janse
- G.T. de Jong
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over lidmaatschap van recreatievereniging Buitenlust
Appellant kocht in 2000 een vakantiewoning op het terrein van Buitenlust en meldde zich aan als lid. Hoewel hij op een vragenlijst de naam van zijn dochter invulde, werd hij vanaf 2001 als lid aanvaard, betaalde contributie en nam deel aan vergaderingen.
Buitenlust stelde dat appellant nooit zelf lid wilde worden en dat zijn dochter lid was geworden. De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat appellant niet had bewezen lid te zijn, maar het hof vernietigt dit oordeel. Het hof stelt dat de lidmaatschapsverhouding een tweezijdige rechtshandeling is en dat de wil en verklaringen van partijen bepalend zijn.
Het hof concludeert dat appellant zelf in eigen naam lid is geworden en dat het lidmaatschap niet is geëindigd volgens de statuten. De vorderingen van Buitenlust worden afgewezen en het lidmaatschap van appellant blijft van kracht.
Uitkomst: Appellant is begin 2001 lid geworden van Buitenlust en het lidmaatschap is nog steeds van kracht.