ECLI:NL:GHLEE:2012:BW4751
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over beloning opdrachtnemer en gebruik pinpas in faillissement
In deze zaak stond de vraag centraal of de curator van een failliete onderneming recht had op een redelijke beloning als opdrachtnemer en hoe om te gaan met pinopnames die door de failliet met een bedrijfspas waren gedaan.
De rechtbank had geïntimeerde als concurrente schuldeiser toegelaten voor €72.170,- aan pinopnames, maar de curator betwistte de omvang en aard van deze vorderingen. Het hof oordeelde dat de curator onvoldoende had gesteld om een redelijke beloning vast te stellen en dat de afspraak dat de pinpas alleen voor elektronisch bankieren mocht worden gebruikt niet bewezen was, mede omdat geïntimeerde niet was verschenen in hoger beroep.
Het hof stelde vast dat het grootste deel van de pinopnames betrekking had op bedrijfsvoering en slechts een klein deel privé was. Geïntimeerde kon slechts vier opnames van in totaal €1.900,- concreet aanwijzen als privé, hetgeen niet voldoende werd betwist door de curator. Daarom werd geïntimeerde slechts voor dit bedrag als concurrente schuldeiser toegelaten.
De grieven van de curator over de kwalificatie van de overeenkomst als opdracht en de vergoeding faalden, omdat geïntimeerde onvoldoende bewijs had geleverd van een afwijkende afspraak over de beloning. Het hof vernietigde het vonnis voor zover het de vordering van geïntimeerde betrof en wees het meer gevorderde af, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt slechts toegelaten als concurrente schuldeiser voor €1.900,-; overige vorderingen worden afgewezen.