ECLI:NL:GHLEE:2011:BP6651
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- G. Dam
- L.T. Wemes
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel drugshandel met matiging wegens termijnoverschrijding
Veroordeelde werd in eerste aanleg veroordeeld tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit drugshandel, geschat op €146.851,33. In hoger beroep heeft het hof het voordeel opnieuw vastgesteld op €117.369,23, toegerekend aan veroordeelde op grond van zijn prominente rol binnen de criminele organisatie.
Het hof baseerde zich op een aanvullend rapport van opsporingsambtenaren en getuigenverklaringen, waarbij het totale voordeel uit drugshandel werd berekend op €367.128,34, inclusief een inbeslaggenomen bedrag van €73.705,25 uit een XTC-transactie met Mexico. Dit laatste bedrag werd buiten beschouwing gelaten bij de vaststelling van het voordeel voor veroordeelde.
De behandeling van het hoger beroep kende een uitzonderlijke overschrijding van de redelijke termijn, waardoor het hof een matiging van de betalingsverplichting oplegde van €7.500, meer dan de door de advocaat-generaal voorgestelde €5.000.
Het hof legde veroordeelde de verplichting op om €109.869,23 aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Veroordeelde was niet verschenen en zijn raadsman had zich onttrokken, waardoor het hof verstek verleende.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht €109.869,23 aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel met matiging wegens termijnoverschrijding.