Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Procesgang
Tenlastelegging
hij op of omstreeks 14 juni 2023 te Schiedam, in elk geval in Nederland, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen,
hij op of omstreeks 14 juni 2023 te Schiedam, in elk geval in Nederland, opzettelijk heeft vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 53,8 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne en/of ongeveer 2,9 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
Vordering van de advocaat-generaal
Het vonnis waarvan beroep
Nadere overweging
Bewezenverklaring
hij op
of omstreeks14 juni 2023 te Schiedam,
in elk geval in Nederland,om een feit, bedoeld in het vierde
of vijfdelid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, voor te bereiden
en/of te bevorderen,
telen, bereiden, bewerken, verwerken,verkopen, afleveren, verstrekken en
/ofvervoeren van cocaïne en/of heroïne, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I,
dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet
, gelden en/of andere betaalmiddelenvoorhanden heeft gehad, waarvan hij, verdachte, wist of ernstige reden had om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit,
hij op
of omstreeks14 juni 2023 te Schiedam,
in elk geval in Nederland, opzettelijk heeft vervoerd, in elk gevalopzettelijk aanwezig heeft gehad, ongeveer 53,8 gram
, in elk geval een hoeveelheidvan een materiaal bevattende cocaïne
, zijnde cocaïneen
/ofongeveer 2,9 gram
, in elk geval een hoeveelheidvan een materiaal bevattende heroïne, zijnde
cocaïne enheroïne een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I
, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
Bewijsvoering
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Strafmotivering
Beslag
Vordering tenuitvoerlegging
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) maanden.
2 (twee) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
onttrekking aan het verkeervan de inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
teruggaveaan de verdachte van het inbeslaggenomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:
2 (twee) maanden.