Belanghebbende parkeerde op 15 januari 2023 zijn auto in een betaalzone in Den Haag zonder geldige vergunning of juiste betaling van parkeerbelasting voor die zone. Hij betaalde via de parkeerapp ParkMobile, maar voor een andere parkeerzone dan waar de auto daadwerkelijk stond. De gemeente legde een naheffingsaanslag op van €79,40, waarvan €6,50 parkeerbelasting en €72,90 kosten.
Belanghebbende maakte bezwaar en leverde een screenshot van de parkeerapp aan waaruit bleek dat hij voor een andere zone had betaald. De Heffingsambtenaar verminderde de aanslag met €2,50. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en stelde dat de onderzoeksplicht bij de parkeerder ligt en dat de parkeerapp slechts een hulpmiddel is. Er is geen sprake van opzet of schuld, maar ook geen overmacht.
In hoger beroep betoogde belanghebbende dat de parkeerapp een fout maakte en dat dit niet aan hem kan worden tegengeworpen. Het Hof oordeelde dat het niet relevant is of de parkeerapp een fout maakte, omdat de gemeente geen onjuiste informatie aan de app heeft verstrekt. De onderzoeksplicht blijft bij de parkeerder. Ook het beroep op overmacht en coulance faalde. Het Hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en liet de naheffingsaanslag in stand.