Uitspraak
1.Het verloop van het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
€ 67.410,72 aan de man te vergoeden wegens de investering van de man in de woning [adres] met de door hem ontvangen schenkingen van zijn moeder, subsidiair vast te stellen dat als de woning aan een derde wordt verkocht dit bedrag eerst aan de man zal worden vergoed voordat de opbrengst tussen partijen wordt gedeeld;
5.Ontvankelijkheid
6.De motivering van de beslissing
fl. 190.000 = € 86.218,-.
€ 170.935,- De man dient uit hoofde van verrekening van de waarde van het Pand op grond van artikel 1:141 lid 3 BW Pro aan de vrouw te voldoen de somma van € 170.935,- : 2 = € 85.468,-.