ECLI:NL:GHDHA:2020:1967
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- H.A.J. Kroon
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- I. Obbink-Reijngoud
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste berekening kleinschaligheidsinvesteringsaftrek bij vennootschap onder firma
Belanghebbende, vennoot in een vof, investeerde in 2016 voor €128.018 in bedrijfsmiddelen en nam een KIA van €6.928 in aanmerking. Hij stelde in hoger beroep dat de KIA €13.852 zou moeten zijn, omdat de investeringen van de vof samengeteld moeten worden zonder rekening te houden met de winstverdeling.
De Rechtbank oordeelde dat de KIA wordt berekend voor de individuele belastingplichtige en niet voor het samenwerkingsverband, waarbij het totaalbedrag van de vof-investeringen wordt gebruikt en vervolgens naar rato wordt verdeeld. Dit oordeel werd bevestigd door het Hof, dat zich baseerde op artikel 3.41 Wet IB 2001 en jurisprudentie van de Hoge Raad.
Het Hof benadrukte dat elke vennoot een eigen onderneming drijft en dat de KIA per belastingplichtige wordt vastgesteld. De investeringsaftrek wordt berekend op basis van het percentage van de KIA ten opzichte van het totale investeringsbedrag, toegepast op het aandeel van de vennoot. De aanslag van de Inspecteur, die de KIA op €6.926 stelde, is daarmee correct vastgesteld.
Het beroep van belanghebbende faalt en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag KIA wordt bevestigd op €6.926.