Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 27 februari 2018
[appellant],
[geïntimeerde],
Het verdere verloop van het geding
De feiten
De vordering in eerste aanleg en oordeel rechtbank
De verdere beoordeling in hoger beroep
“Het bestuur is van mening dat, nu de heer [appellant] te kennen geeft toch het dienstverband met Welzijn Rijswijk, middels een vaststellingsovereenkomst te willen beëindigen, er sprake is van een ander gegeven.”
Beslissing in het incident en in de hoofdzaak
- veroordeelt [appellant] in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van [geïntimeerde] begroot op € 1.631,- aan griffierecht en op € 6.526,- aan salaris van de advocaat;
- wijst het meer of anders gevorderde af.