Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.Het geding
2.De feiten
De verkoper verklaart te hebben verkocht en in eigendom over te dragen aan de koper die verklaart te hebben gekocht en eigendom te aanvaarden
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Den Haag
In deze civiele zaak gaat het om een geschil tussen [appellant] en een installatiebedrijf over de koop van contracten en goodwill. [Appellant] heeft de koopovereenkomst vernietigd wegens dwaling, omdat de contracten niet bestonden zoals voorgespiegeld, maar slechts raamovereenkomsten waren. De kantonrechter wees de vorderingen van [appellant] af omdat hij niet binnen bekwame tijd had geklaagd zoals vereist in artikel 7:23 BW Pro.
In hoger beroep stelt [appellant] dat hij wel tijdig heeft geklaagd, maar het hof oordeelt dat hij pas twee jaar na ontdekking van het gebrek een klacht heeft ingediend, wat te laat is. Het hof overweegt dat er geen geldige reden was om eerder niet te klagen, aangezien het gebrek in de zomer van 2009 al bekend was. Het installatiebedrijf is door de late klacht in een nadelige bewijspositie gekomen.
Het hof verwerpt het betoog van [appellant] dat het beroep op de klachtplicht hem niet tegengeworpen kan worden vanwege de kennis van het installatiebedrijf. Het arrest bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en verklaart [appellant] niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep. Tevens wordt hij veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en verklaart appellant niet-ontvankelijk wegens het niet tijdig klagen over het gebrek.