ECLI:NL:GHDHA:2017:285
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- M.P.J. Ruijpers
- J.E.H.M. Pinckaers
- H.C. Grootveld
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil over verstrekking bankgegevens in KB Lux-zaak tussen belastingplichtige en Belastingdienst
In deze zaak staat een executiegeschil centraal tussen [appellant] c.s. en de Belastingdienst over de nakoming van een vonnis dat [appellant] c.s. verplicht tot het verstrekken van bankafschriften van een buitenlandse rekening bij Kredietbank Luxembourg (KB Lux).
De feiten zijn onbetwist: de Belastingdienst verkreeg in 2000 via Belgische autoriteiten microfiches met gegevens over Nederlandse rekeninghouders bij KB Lux, wat leidde tot verzoeken om informatieverstrekking. [appellant] c.s. werd geïdentificeerd als rekeninghouder en werd door de voorzieningenrechter veroordeeld tot het verstrekken van kopieën van bankafschriften over de periode 1994 tot heden, met dwangsommen bij niet-nakoming.
Het hof heeft het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd, maar de hoogte van de dwangsommen verhoogd van € 2.500 naar € 5.000 per dag met een maximum van € 500.000. [appellant] c.s. voerde onder meer aan dat hij geen dwangsommen had verbeurd en dat het nemo tenetur-beginsel hem rechtvaardigde om de informatie pas na de fiscale procedure te verstrekken, maar deze grieven werden verworpen. Het hof oordeelde dat de executie niet onredelijk was en dat geen sprake was van misbruik van executiebevoegdheid.
De kosten van het hoger beroep zijn aan [appellant] c.s. opgelegd. Het arrest is uitgesproken op 31 januari 2017 door het Gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en handhaaft de dwangsommenregeling met verhoogde bedragen, waarbij [appellant] c.s. in de proceskosten wordt veroordeeld.