ECLI:NL:GHDHA:2015:1382
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- Warnaar
- van Nievelt
- Obbink-Reijngoud
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging teruggeleiding minderjarige bij internationale kinderontvoering
In deze zaak staat de teruggeleiding van een minderjarige centraal die door de vader naar Nederland is overgebracht zonder toestemming van de moeder. De rechtbank had eerder de terugkeer van de minderjarige naar haar gewone verblijfplaats in het buitenland gelast. De vader kwam hiertegen in hoger beroep, stellende dat de verhuizing naar Nederland was bedoeld en dat de moeder had ingestemd.
Het hof oordeelt dat de overbrenging ongeoorloofd was en dat de gewone verblijfplaats van de minderjarige in het buitenland lag. De vader kon geen toestemming van de moeder voor de verhuizing aantonen. Daarnaast werd het beroep op een weigeringsgrond wegens psychische schade niet gevolgd, mede omdat de stress vooral voortkomt uit de ouderlijke strijd en passende hulp in het buitenland beschikbaar is.
Het hof wijst het verzoek tot uitstel van teruggeleiding af en gelast onmiddellijke terugkeer uiterlijk 10 juni 2015. Tevens veroordeelt het hof de vader tot betaling van de door de moeder gemaakte proceskosten van € 5.573,14. De beschikking van de rechtbank wordt in zoverre bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof gelast de onmiddellijke teruggeleiding van de minderjarige naar haar gewone verblijfplaats in het buitenland uiterlijk 10 juni 2015 en veroordeelt de vader tot betaling van de proceskosten.