Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest d.d. 24 maart 2015
[appellant],
DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Financiën),
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
ons[in, hof]
de aankomsthal 3. Op bovengenoemd datum en tijdstip waren wij bezig met een Proces-Verbaal, inzake Douanewet met PV-nummer 06/1003 op naam van [appellant].
het front-office heb gebeld en hun gevraagd heb om medische bijstand. Omstreeks 06.25 uur arriveerde Schiphol dienstverlening voor hulp, waarop zij het ambulance personeel waarschuwden. (…)”
grief 1betoogt [appellant] dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de douane [appellant] en [reisgenoot] heeft “meegenomen” naar een afzonderlijke ruimte. Volgens [appellant] zijn zij aangehouden. Bovendien heeft de rechtbank ten onrechte overwogen dat het proces-verbaal (hierna: het pv) aansluitend aan het verhoor is opgemaakt; dit is volgens [appellant] reeds tijdens het verhoor gebeurd.
Grief 2is gericht tegen de overweging dat “de douanebeambten” het front-office hebben gebeld; [appellant] wijst erop dat dit slechts één van hen is geweest. Volgens [appellant] zijn de verklaringen van [douanebeambte A] en [douanebeambte B] op dit punt tegenstrijdig.
Grief 3bouwt op grief 2 voort, daar waar [appellant] stelt dat het pv aansluitend aan het verhoor is opgemaakt. In de toelichting op deze grief betoogt [appellant] voorts dat [douanebeambte B] niet al om 6.15 uur het frontoffice kan hebben gebeld, zoals door de Staat is gesteld.
Grief 4is gericht tegen de overweging van de rechtbank dat niet aannemelijk is dat de klachten van [appellant] direct zodanig waren dat hij toen al om een dokter heeft gevraagd.
Grief 5bouwt deels op grief 4 voort: volgens [appellant] heeft de rechtbank ten onrechte overwogen dat niet valt in te zien waarom [douanebeambte B] en [douanebeambte A] in eerste instantie zouden hebben geweigerd medische hulp in te schakelen en dat de fysiek waarneembare klachten van [appellant] pas evident werden nadat de douanebeambten al medische hulp hadden ingeschakeld.
Grief 6is gericht tegen de overweging van de rechtbank dat [appellant] niet reeds tijdens het verhoor zodanig fysiek waarneembare klachten had dat de douanebeambten ook zonder een daartoe strekkend verzoek van [appellant] over hadden moet gaan tot het inschakelen van medische bijstand.
Grief 7bouwt ook weer voort op de voorgaande grieven en houdt in dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat uit de verklaringen van [douanebeambte A] en [douanebeambte B] volgt dat de fysiek waarneembare klachten pas tijdens het opmaken van het pv aansluitend aan het verhoor zodanig werden dat aanleiding bestond medische hulp in te schakelen. Met
grief 8(abusievelijk aangeduid als grief 9) klaagt [appellant] over de overweging dat pas ná het inschakelen van de medische hulp bekend werd dat [appellant] hartpatiënt was en dat hij veel zweette.
Grief 9(dus niet grief 10) houdt in dat de rechtbank ten onrechte heeft aangenomen dat er twee BHV-teams zijn gestuurd en
grief 10(niet 11) is gericht tegen het (eind)oordeel dat de douanebeambten adequaat hebben gehandeld.
Grief 11(niet 12), tot slot, is gericht tegen de proceskostenveroordeling.
“tijdens het opmaken van het proces-verbaal”(zie hierboven onder 1.3.) betekent
“tijdens het verhoor”, omdat slechts sprake is van een handgeschreven weergave van het verhoor en door de Staat geen ander ambtelijk stuk is overgelegd. [appellant] ziet er daarbij echter aan voorbij dat na het verhoor nog administratieve handelingen moesten worden verricht, zoals het opvragen van een pv-nummer en het kopiëren van het paspoort, die nodig waren voor het afronden en formaliseren van het proces-verbaal. Uit de melding volgt dan ook niet dat al vlak na 5.50 uur voor het eerst door [appellant] kenbaar is gemaakt dat hij zich niet goed voelde. Integendeel, de melding kan evenzeer, zo niet veeleer, worden uitgelegd als een bevestiging van de stelling van de Staat dat dit pas is gebeurd na afloop van het verhoor, toen voormelde administratieve handelingen werden verricht, en dat op dat moment (rond het in de melding genoemde tijdstip 6.15 uur), al is gebeld met het frontoffice.