ECLI:NL:GHARN:2012:BY1122
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H.C. Frankena
- B. Lenselink
- R. de Vries
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ontbindingsbeschikking arbeidsovereenkomst en vergoeding op grond van artikel 7:685 BW
In deze zaak ging het om het hoger beroep van [X] tegen een beschikking van de kantonrechter die de arbeidsovereenkomst tussen partijen ontbond en een vergoeding toekende op grond van artikel 7:685 BW Pro. [X] voerde aan dat de kantonrechter buiten het toepassingsgebied van deze bepaling was getreden door het sociaal plan niet correct toe te passen en salarisbetalingen ten onrechte in mindering te brengen op de vergoeding.
Het hof oordeelde dat een foutieve toepassing van het sociaal plan geen reden is om het appelverbod te doorbreken en dat de kantonrechter binnen zijn beoordelingsvrijheid handelde bij het betrekken van salarisbetalingen zonder werkzaamheden bij de vergoeding. Daarnaast stelde [X] dat het beginsel van hoor en wederhoor was geschonden, maar het hof verwierp dit omdat het verzoek om verbetering op grond van artikel 31 Rv Pro zonder schending van hoor en wederhoor was afgewezen.
Het hof concludeerde dat geen van de door [X] aangevoerde doorbrekingsgronden slaagde en verklaarde het hoger beroep ongegrond. [X] werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. De uitspraak bevestigt de ruime beoordelingsvrijheid van de kantonrechter bij het vaststellen van een billijke vergoeding en benadrukt de restrictieve toepassing van het appelverbod in arbeidsgeschillen.
Uitkomst: Het hoger beroep van [X] wordt verworpen en hij wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.