ECLI:NL:GHARN:2012:BW1068
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen bestuurdersaansprakelijkheid loonheffing A BV wegens betalingsonmacht
Belanghebbende is als bestuurder van B BV, welke op haar beurt bestuurder is van A BV, aansprakelijk gesteld voor onbetaalde loonheffing over de maanden februari, maart en april 2008. De ontvanger stelde dat A BV betalingsonmacht had moeten melden uiterlijk binnen veertien dagen na de wettelijke betalingstermijn, wat niet was gebeurd.
Belanghebbende voerde aan dat geen sprake was van betalingsonmacht vóór het faillissement van A BV op 2 juli 2008 en dat de door de Belastingdienst verzonden Aangiftebrief een nieuw vertrouwen schepte over betalingstermijnen. De ontvanger kon niet duidelijk aangeven wanneer de betalingsonmacht was ontstaan.
Het hof oordeelt dat de ontvanger niet heeft voldaan aan zijn bewijslast om aan te tonen dat betalingsonmacht tijdig is gemeld. Bovendien mocht belanghebbende vertrouwen op de afwijkende betalingstermijnen in de Aangiftebrief. Het hof vernietigt de aansprakelijkstelling en veroordeelt de inspecteur in de proceskosten.
Uitkomst: De aansprakelijkstelling van belanghebbende voor onbetaalde loonheffing is vernietigd wegens onvoldoende bewijs van tijdige melding betalingsonmacht.