ECLI:NL:GHARN:2011:BP2289
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake verkapte winstuitdeling bij verkoop bosperceel onder waarde
Belanghebbende, directeur-enig aandeelhouder van A B.V., kocht in 1999 een bosperceel van zijn vennootschap voor een prijs die aanzienlijk lager was dan de waarde in het economische verkeer. Diverse taxatierapporten werden overgelegd, waarbij het Hof concludeerde dat de waarde van het perceel in bouwrijpe staat ongeveer € 17.036 bedroeg, terwijl de koopprijs slechts € 3.970 was. Het Hof achtte aannemelijk dat zowel A B.V. als belanghebbende zich bewust waren van deze bevoordeling, waardoor sprake is van een verkapte winstuitdeling.
De Inspecteur had een navorderingsaanslag opgelegd op basis van een hoger belastbaar inkomen en een boete van 50% wegens opzet. Het Hof oordeelde dat de Inspecteur zijn bewijslast niet volledig had voldaan met betrekking tot de kans op het verkrijgen van een bouwvergunning, maar dat het bewustheidsvereiste voor de verkapte uitdeling was vervuld. De navorderingsaanslag werd verminderd tot een belastbaar inkomen van € 51.162 en de boete werd verlaagd tot € 697, mede vanwege samenloop met een andere boete.
Het Hof wees ook de proceskostenveroordeling toe aan belanghebbende voor een bedrag van € 571,35 en gelastte vergoeding van het griffierecht. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd, met uitzondering van de kostenvergoedingen en griffierechten. De uitspraak werd gedaan op 18 januari 2011 door het Gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: Het Hof vermindert de navorderingsaanslag en boete wegens verkapte winstuitdeling en veroordeelt de Inspecteur in proceskosten.