ECLI:NL:GHARN:2008:BE2910
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Wammes
- Van Gelder
- Van Zutphen
- Rechtspraak.nl
Afwikkeling huwelijkse voorwaarden en verrekening winst verkoop erfpachtsrecht
In deze zaak staat centraal of de vrouw aanspraak kan maken op een deel van de winst die voortvloeit uit de verkoop van het erfpachtsrecht van de man, dat volgens de huwelijkse voorwaarden tot zijn privévermogen behoort. De rechtbank had de vrouw een helft van de winst toegekend, maar het hof vernietigt dit oordeel omdat de verkoopopbrengst en de daarmee samenhangende schuld correct zijn verwerkt in de verrekening.
De man had het erfpachtsrecht met een hypothecaire lening gefinancierd, waarvan de rente ten laste van de winst van de maatschap werd gebracht. De vrouw stelde dat deze rentebetalingen uit overgespaarde inkomsten kwamen en dat de gehele verkoopopbrengst daarom tot het te verrekenen vermogen behoorde. Het hof volgt deze redenering niet en oordeelt dat de vrouw gebonden is aan de ondertekende verrekenstaten en dat het verrekenbeding correct is nagekomen.
De vrouw voerde nog aan dat toepassing van redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 lid 2 BW Pro) haar aanspraak rechtvaardigt, maar het hof vindt haar stellingen onvoldoende onderbouwd. Ook haar beroep op een natuurlijke verbintenis wordt voorlopig niet gehonoreerd, waarna de zaak wordt verwezen voor nadere uitlatingen. Verder zijn afspraken gemaakt over de waardering van auto’s en inboedel, waarbij het hof de door de man gevorderde deskundige taxatie afwijst.
Uiteindelijk wordt het bestreden vonnis vernietigd en wordt de zaak aangehouden voor nadere behandeling van de natuurlijke verbintenis en de omvang daarvan. Het hof bepaalt dat de man op de uitlatingen van de vrouw mag reageren en houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en verwijst de zaak voor nadere uitlatingen over de natuurlijke verbintenis, houdt verdere beslissing aan.