Uitspraak
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De relevante feiten
4.De toelichting op de beslissing van het hof
- Omnyacc afficheerde zichzelf (op haar website) als een kantoor waarvan haar adviseurs ‘op de hoogte zijn van het steeds veranderende subsidielandschap’ waarbij werd gecommuniceerd dat haar klanten ‘altijd op de hoogte worden gebracht van mogelijke subsidies en regelingen’, een en ander onder aanduiding van [naam3] als één van haar subsidiespecialisten;
- tussen [geïntimeerde] en Omnyacc bestond vanaf juni 2018 een opdrachtrelatie, op basis waarvan Omnyacc – in de persoon van [naam3] – verschillende financieel-administratieve werkzaamheden voor [geïntimeerde] verrichtte;
- voor specifieke benoemde werkzaamheden stelde Omnyacc opdrachtbevestigingen op (zie rechtsoverweging 3.4 en 3.20);
- naast de in de opdrachtbevestigingen benoemde werkzaamheden verrichte Omnyacc, zo heeft [geïntimeerde] gesteld en blijkend uit overgelegde facturen, allerhande (ad hoc) werkzaamheden, zoals advieswerkzaamheden en ongespecificeerde administratieve dienstverlening;
- na en in verband met de door overheid getroffen coronasteunmaatregelen voor ondernemers heeft Omnyacc een ‘coronadossier’ op haar website geplaatst waarin die ondersteuningsmaatregelen werden opgesomd en uitgelegd en in welk dossier de wijzigingen en aanvullingen e.d. periodiek werden bijgehouden;
- Omnyacc is (in ieder geval vanaf begin 2021) haar klanten periodiek nieuwsbrieven over corona-gerelateerde ondersteunings-/subsidiemaatregelen gaan zenden, in welk verband werd meegedeeld dat Omnyacc ‘er alles aan doet’ om de klant bij te staan;
- [geïntimeerde] heeft [naam3] in februari 2021 benaderd met de vraag voor welke ondersteuningsmaatregelen zij in aanmerking komt, onder toevoeging dat 2020 voor haar een rampjaar is en zij een megaverlies heeft. Op dat moment was of kort daarna is [geïntimeerde] vanwege haar financiële moeilijkheden door haar bank ondergebracht bij de afdeling bijzonder beheer. [naam3] was daarvan op hoogte;
- Omnyacc heeft vervolgens zonder specifieke opdrachtbevestiging(en) voor [geïntimeerde] voorschotten op subsidies aangevraagd op basis van de TVL-regeling en de NOW-regeling, in welk verband [geïntimeerde] specifiek aan [naam3] heeft gevraagd haar te laten weten als er nog meer steun en/of subsidieposten (mogelijk) zijn.
. [6]
5.De beslissing
- € 6.803 aan griffierecht
- € 11.238 aan salaris van de advocaat van [geïntimeerde] (2 procespunten × het toepasselijke tarief VII à € 5.619)