Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep van de betrokkene tegen een beslissing van de kantonrechter inzake een snelheidsovertreding buiten de bebouwde kom. De betrokkene voerde onder meer aan dat de beslissing van de kantonrechter niet rechtsgeldig was ondertekend, omdat deze slechts was voorzien van een handtekeningstempel.
Het hof oordeelde dat het proces-verbaal van de beslissing door de rechter zelf moet worden ondertekend om de echtheid en bevoegdheid te waarborgen. Aangezien dit niet het geval was en ook niet vermeld stond dat de kantonrechter niet bevoegd was tot medeondertekening, kon de beslissing niet in stand blijven. Daarnaast werd vastgesteld dat het recht op hoor en wederhoor niet was geschonden.
Verder betwistte de betrokkene de aanwezigheid van deugdelijke bebording die de maximumsnelheid van 50 km/h buiten de bebouwde kom aangaf. Het hof stelde dat bij geautomatiseerde snelheidsovertredingen alleen met stukken zoals schouwrapporten kan worden aangetoond dat de bebording aanwezig was. Het hof gaf de advocaat-generaal zes weken de tijd om aanvullende informatie over de bebording te overleggen en hield verdere beslissing aan.