Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende heeft verzet aangetekend tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin het hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank, waarin het verzet gegrond werd verklaard, niet-ontvankelijk werd verklaard. De rechtbank had het verzet gegrond verklaard, maar geweigerd proceskosten toe te kennen. Het hof oordeelt dat op grond van de toepasselijke bepalingen uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) tegen een uitspraak van de rechtbank waarbij het verzet gegrond is verklaard geen hoger beroep openstaat, ook niet tegen beslissingen over proceskosten.
Het hof benadrukt dat dit niet leidt tot verminderde rechtsbescherming omdat de beslissing over de kosten in het kader van het hoger beroep wordt geacht deel uit te maken van de uitspraak van de rechtbank waarin het beroep wordt behandeld. De zaak zal inhoudelijk door de rechtbank worden voortgezet. Het hof verklaart het verzet ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door de eenentwintigste enkelvoudige belastingkamer van het hof en is op 1 december 2020 in het openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hof verklaart het verzet ongegrond en bevestigt dat tegen een gegrond verklaard verzet geen hoger beroep openstaat.