Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHARL:2018:9090

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
16 oktober 2018
Publicatiedatum
16 oktober 2018
Zaaknummer
200.228.324/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard en proceskostenveroordeling in civiele zaak

In deze civiele zaak heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het hoger beroep van appellant, een bouwbedrijf, niet-ontvankelijk verklaard. Dit volgt op een tussenarrest waarin het hof de zaak naar de rol verwees voor uitlating over incidenteel appel. De geïntimeerde, VM Vastgoed B.V., zag af van incidenteel appel en verzocht om een eindarrest.

Het hof overweegt dat appellant niet-ontvankelijk is in zijn hoger beroep en dat VM Vastgoed daardoor geen belang meer heeft bij een afzonderlijke beslissing in het incident, welke vordering daarom wordt afgewezen. Vervolgens veroordeelt het hof appellant in de proceskosten van het hoger beroep, bestaande uit verschotten en advocaatkosten.

Het arrest is gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 16 oktober 2018. Hiermee wordt het hoger beroep definitief afgewezen en worden de kosten aan appellant opgelegd.

Uitkomst: Het hoger beroep van appellant is niet-ontvankelijk verklaard en hij is veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden
afdeling civiel recht, handel
zaaknummer gerechtshof 200.228.324/01
(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland C/18/173262)
arrest van 16 oktober 2018
in de zaak van
[appellant], h.o.d.n.
Bouwbedrijf [appellant],
wonende te [A] ,
appellant,
tevens verweerder in het incident,
in eerste aanleg: gedaagde in conventie, eiser in voorwaardelijke reconventie,
hierna te noemen:
[appellant],
advocaat: mr. J.F. Koenders, kantoorhoudend te Groningen,
tegen
VM Vastgoed B.V.,
gevestigd te Groningen,
geïntimeerde,
tevens eiseres in het incident,
in eerste aanleg: eiseres in conventie, verweerster in voorwaardelijke reconventie,
hierna:
VM Vastgoed,
advocaat: mr. P.P.J.M. Bruens, kantoorhoudend te Groningen.
Het arrest van 24 juli 2018 wordt hier overgenomen.

1.Het verdere procesverloop in hoger beroep

1.1
In het tussenarrest van 24 juli 2018 heeft het hof de zaak naar de rol verwezen voor uitlating incidenteel appel. VM Vastgoed heeft op de rol van 21 augustus 2018 laten weten af te zien van het instellen van incidenteel appel en verzoekt het hof eindarrest te wijzen.
1.2
VM Vastgoed heeft aanvullend gefourneerd. Arrest is bepaald op heden.

2.De verdere beoordeling

2.1
Conform de overwegingen in genoemd tussenarrest zal het hof [appellant] niet-ontvankelijk verklaren in zijn hoger beroep. Gegeven deze uitkomst in de hoofdzaak, heeft VM Vastgoed geen belang meer bij een afzonderlijke beslissing in het incident, zodat die vordering zal worden afgewezen.
2.2
[appellant] zal als de in hoger beroep in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep aan de zijde van VM Vastgoed (salaris advocaat: 1 punt in tarief II).
De beslissing
Het hof, rechtdoende in hoger beroep:
in het incident
wijst de vordering af;
in de hoofdzaak
verklaart het hoger beroep van [appellant] niet-ontvankelijk;
veroordeelt [appellant] in de kosten van het geding in hoger beroep en stelt die kosten aan de zijde van VM Vastgoed tot aan dit arrest vast op € 726,- aan verschotten en op € 1.074,- aan geliquideerd salaris voor de advocaat.
Dit arrest is gewezen door mr. J.H. Kuiper, mr. M.W. Zandbergen en mr. J. Smit, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 16 oktober 2018.