Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De zaak betreft het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank die het gezag van de moeder over haar twee minderjarige kinderen beëindigde en de gecertificeerde instelling tot voogd benoemde. De kinderen zijn sinds 2016 uit huis geplaatst wegens ernstige bedreiging van hun ontwikkeling door huiselijk geweld, psychiatrische problematiek en vermoedens van seksueel misbruik.
De moeder voerde aan dat zij sinds december 2016 positieve ontwikkelingen had doorgemaakt en onvoldoende kansen had gekregen om haar opvoedingsvaardigheden aan te tonen. Het hof oordeelde echter dat de moeder onvoldoende inzicht toonde in haar aandeel in de onveilige situatie en dat terugplaatsing niet in het belang van de kinderen was. De kinderen verblijven inmiddels ruim twee jaar in stabiele pleeggezinnen waar zij zich positief ontwikkelen.
Het hof benadrukte dat het belang van de kinderen voorop staat, waarbij continuïteit en veiligheid essentieel zijn. Het verzoek van de moeder om nader onderzoek naar haar opvoedingsvaardigheden werd afgewezen omdat dit geen andere uitkomst zou geven en onrust voor de kinderen zou veroorzaken. De bestreden beschikking werd daarom bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beëindiging van het gezag van de moeder over de kinderen en wijst haar verzoek af.