Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Arnhem(hierna: de Inspecteur)
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Vaststaande feiten
” < [X] @casema.nl>
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende kreeg voor 2012 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd waarbij de verrekening van buitenlandse bronbelasting op Franse dividenden werd beperkt tot 15% van het brutobedrag. Belanghebbende maakte bezwaar dat tijdig werd ingediend, maar de Inspecteur verklaarde dit niet-ontvankelijk omdat het papieren bezwaarschrift te laat was ontvangen. De rechtbank bevestigde dit oordeel. In hoger beroep stelde belanghebbende dat het bezwaar ontvankelijk was en dat het gehele bedrag van € 5.599 aan Franse bronbelasting verrekend moest worden.
Het hof oordeelde dat het elektronische bezwaarschrift van 20 juni 2014 als pro forma bezwaar tijdig was ingediend en dat het gebrek in de schriftelijke indiening was hersteld met de brief van 24 juni 2014. Daarmee was het bezwaar ontvankelijk en moesten eerdere uitspraken worden vernietigd. Het hof ging vervolgens inhoudelijk in op de vraag van de verrekening van buitenlandse bronbelasting. Volgens het belastingverdrag tussen Nederland en Frankrijk mag maximaal 15% van het brutobedrag van de dividenden worden verrekend, ongeacht het feit dat belanghebbende het meerdere niet in Frankrijk kon terugvorderen.
Belanghebbende beriep zich op het vertrouwensbeginsel omdat tijdens een hoorgesprek was aangegeven dat hij eventueel alsnog recht zou kunnen hebben op verrekening. Het hof oordeelde dat hiervoor onvoldoende bewijs was geleverd en dat het hoorverslag juist aangaf dat een dergelijk recht niet bestond. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde. Het hof verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde eerdere uitspraken, verklaarde het bezwaar ongegrond en bepaalde dat de Inspecteur het betaalde griffierecht aan belanghebbende moest vergoeden.
Uitkomst: Het hof verklaart het bezwaar ontvankelijk, vernietigt eerdere uitspraken, verklaart het bezwaar ongegrond en beperkt de verrekening van Franse bronbelasting tot 15%.