Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Vaststaande feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
5.Proceskosten
6.Beslissing
R.A.V. Boxem, in tegenwoordigheid van mr. J.H. Riethorst als griffier.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende is door de Belastingdienst aansprakelijk gesteld voor onbetaalde vennootschapsbelasting van de fiscale eenheid waarvan zij deel uitmaakt, over de jaren 2005 tot en met 2008 en 2010. De rechtbank had de aansprakelijkstelling verminderd, maar het hof bevestigt deze aansprakelijkheid.
Belanghebbende stelde dat de aanspraak verjaard was en dat compensabele verliezen uit 2009 verrekend moesten worden met eerdere jaren. Het hof oordeelde dat de verjaring correct was gestuit en dat de verliezen niet aannemelijk waren gemaakt, mede omdat onderbouwing met primaire bescheiden ontbrak en de stukken te laat werden ingebracht.
De rechtbank had de aansprakelijkheid voor heffings- en invorderingsrente en kosten verminderd, maar het hof bevestigt dat deze vermindering niet geldt voor de vennootschapsbelasting zelf. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de aansprakelijkstelling en wijst het hoger beroep van belanghebbende af.