ECLI:NL:GHARL:2015:802
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep over afwikkeling huwelijkse voorwaarden
In deze zaak ging het om het hoger beroep van een vrouw tegen een beschikking van de rechtbank Overijssel waarin de echtscheiding tussen partijen was uitgesproken en nevenvoorzieningen waren getroffen. De rechtbank had de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden afgesplitst en aangehouden voor verdere afdoening onder een ander zaaknummer.
De vrouw stelde in hoger beroep uitsluitend grieven aan tegen het deel van de beschikking dat betrekking had op de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden, waaronder een vordering tot betaling van een geldbedrag door de man. Het hof oordeelde dat dit deel van de beschikking een tussenbeschikking betrof en dat hoger beroep tegen een tussenbeschikking slechts samen met de eindbeschikking kan worden ingesteld, tenzij de rechter anders bepaalt.
Omdat de vrouw geen grieven had gericht tegen de einduitspraak over de echtscheiding en overige nevenvoorzieningen, werd zij niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep. Het hof veroordeelde haar tevens in de proceskosten van de man, bestaande uit griffierecht en advocaatkosten volgens forfaitair tarief.
De beslissing werd uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 3 februari 2015 door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Vrouw is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen de beschikking over de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden en veroordeeld in de proceskosten.