ECLI:NL:GHARL:2014:7568
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs ontuchtige handelingen rijinstructeur
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor ontuchtige handelingen jegens een leerling tijdens rijlessen in de periode van maart tot april 2011. De tenlastelegging omvatte onder meer knuffelen, omhelzen, kussen op de wang en mond, en het leggen en strelen van de hand op het bovenbeen en de vagina van de aangeefster.
Het hof heeft het vonnis van de rechtbank vernietigd omdat het tot een andere bewijsbeslissing kwam. Hoewel bewijs aanwezig was voor handelingen als knuffelen, omhelzen, kussen op de wang en het leggen van een hand op het bovenbeen, kwalificeerde het hof deze gedragingen niet zonder meer als ontuchtig. Verdachte gaf aan dat het kussen op de wang ter ondersteuning of felicitatie was en dat het leggen van de hand op het been bemoedigende klopjes betrof zonder seksuele intentie.
Voor de ernstiger tenlastegelegde handelingen, zoals kussen op de mond en het strelen van de vagina, ontbrak overtuigend bewijs. Verdachte ontkende deze handelingen en het hof twijfelde aan de betrouwbaarheid van passages in het proces-verbaal waarin deze mogelijk waren toegegeven.
Gezien het ontbreken van wettige bewijsmiddelen heeft het hof verdachte vrijgesproken van de ontuchtige handelingen. Tevens werd de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij afgewezen wegens het ontbreken van schuld van verdachte.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs voor ontuchtige handelingen.